Het opvolgen van de voorschriften is bijzonder belangrijk: het verlengt de levensduur van de zonwering en laat deze optimaal functioneren. De voorschriften zijn mede bepalend bij de beoordeling van eventuele garantieaanspraken. De opdrachtgever dient ervoor te zorgen dat deze voorschriften bij de gebruikers van de zonwering bekend zijn!

 
Bedieningsvoorschriften:
 
ALGEMEEN

1. De zonwering dient gebruikt te worden als warmtewering. Sommige typen zonwering zijn eveneens in staat om de toetreding van daglicht te regelen. De geleverde zonweringsystemen zijn zeker geen wind- of regenscherm en mogen ook nooit als zodanig worden gebruikt!

2. Bij wind dient men erop toe te zien dat de zonwering wordt opgehaald wanneer de voor het specifieke zonweringtype geldende windkracht wordt overschreden. De zonwering mag nooit onbeheerd in neergelaten toestand achtergelaten worden wanneer geen automatische bediening met goed functionerende en correct ingestelde windbeveiliging is toegepast.

3. Indien de zonwering door een storing niet opgetrokken kan worden, dient u PER OMGAANDE contact op te nemen met de zonweringleverancier. Dit is nodig om het ontstaan van verdere schade aan de zonwering, het gebouw of personen te voorkomen.

4. Een bedieningspositie waarbij u zicht heeft op de zonwering is aan te bevelen. Bij het bedienen moet er altijd op worden gelet dat er zich geen obstakels bevinden in het gebied waarin de zonwering zich beweegt. Let vooral ook op beknellinggevaar voor personen die zich ophouden nabij zonwering die geplaatst is tot twee meter vijftig vanaf stahoogte.

5. Als de ramen openstaan, kunnen zonweringdoeken als gevolg van onderdruk naar binnen worden gezogen. Bij het sluiten van de ramen, moet de gebruiker goed opletten dat het zonweringdoek niet klem komt te zitten tussen het beweegbare raamdeel en de kozijnen. Als gevolg van het verklemmen van het doek, kan het doek blijvend vervormen of inscheuren. Het is zelfs mogelijk dat de motor hierdoor defect raakt.

6. Vermijd het optrekken van textiele zonwering tijdens of na een flinke regenbui. Door het oprollen wordt in de bovenbak van de zonwering het water uit het zonweringdoek geperst. Hierdoor komen grote hoeveelheden water in contact met het oprolmechanisme en de eventueel ingebouwde motor. Ook kan zich op het zonweringdoek schimmelvorming voordoen indien het doek langdurig vochtig opgerold blijft. Dit kan tot storingen leiden en de levensduur van de zonwering verkorten. Trek de zonwering daarom bijtijds op en laat vochtig zonweringdoek weer drogen door de zonwering bij droog weer zo snel mogelijk neer te laten.

Koord- of bandbediening:
Bij het bedienen dient de gebruiker recht voor het koord of het band te gaan staan. Vervolgens moet het koord of het band vrij van de koordklem of van de bandopwinder worden gemaakt. Laat daarna het koord/band rustig door de hand glijden om de zonwering te laten zakken. Wanneer de zonwering de onderste stand heeft bereikt, moet het koord of het band op spanning worden gehouden. Het resterende koord of band op de koordklem winden of door de bandopwinder laten oprollen. Het koord of het band mag nooit ineens worden losgelaten. De zonwering daalt of valt hierdoor met een plotselinge snelle beweging uit, hetgeen tot schade kan leiden!

Staaldraad/windwerkbediening:
Eenvoudig de slinger in de gewenste richting draaien, waarbij er op moeten worden gelet dat het staaldraad, bij het ophalen of neerlaten, nooit slap hangt. Bij het voelen van weerstand moet onmiddellijk worden gestopt met draaien. Het staaldraad moet altijd gespannen blijven.

Monocommando (of draaistang) bediening:
De gebruiker dient de stang uit de klem te nemen en de stang in de vorm van een handgreep te knikken. Er moet zeer goed gelet worden op de juiste draairichting. Verkeerd opgerold zonweringdoek kan zwaar beschadigen en verdere bediening van de zonwering onmogelijk maken.
Bij het draaien van de slinger moet men recht tegenover het doorvoerbeslag staan, terwijl de stang een hoek van ca. 45º maakt met de gevel. Draai in de gewenste richting tot de zonwering de door u gewenste stand heeft bereikt. Bij doekzonwering draait men vervolgens één slag terug, waardoor het doek op spanning blijft. Bij lamellenzonwering kan op iedere willekeurige hoogte van de zonwering de lamellenstand naar wens worden geregeld door terug te draaien.
Het ophalen gebeurt door de stang te draaien (let wederom op de juiste draairichting) tot de zonwering in zijn geheel is opgehaald. De draaistang mag niet worden geforceerd door verder te draaien, daarmee wordt het bedieningsmechanisme beschadigd. Vervolgens dient de slinger gestrekt en in de klem bevestigd te worden.

Electrische bediening:
De gebruiker dient de schakelaar in de gewenste stand te plaatsen om de zonwering zo op te halen en neer te laten. Wanneer de eindstand is bereikt, dient de schakelaar in de 0-stand teruggezet te worden. Zorgt u ervoor dat u tijdens het bedienen zicht heeft op de te bedienen zonwering. Zo kunt u letten op eventuele obstakels en op beknellinggevaar bij personen die zich nabij de zonwering bevinden. Bij werkzaamheden aan de gevel (o.a. door de glazenwasser) moet de zonwering volledig uitgeschakeld worden.


Indien er in het gebouw gebruik gemaakt wordt van een centrale besturing (bijvoorbeeld aangestuurd op wind, zon of tijd), heeft dit gevolgen voor de individuele bediening van de zonwering. Een centraal commando om de zonwering hetzij naar boven, hetzij naar beneden te sturen, blokkeert gedurende geruime tijd (meestal ongeveer 90 sec.) de individuele bediening van de zonwering. Indien er sprake is van een centrale bediening met windbeveiliging, stuurt deze bij té harde wind alle zonwering naar boven en wordt het individueel bedienen van de zonwering langduriger geblokkeerd. Eenzelfde situatie ontstaat als de glazenwasserschakelaar geactiveerd is.

Sommige eindgebruikers proberen de centrale bediening te “misleiden” door de bedieningsschakelaar m.b.v. paperclips, plakband etc. in 1 stand te fixeren. Hierdoor wordt de zonwering onmiddellijk naar boven of naar beneden gestuurd nadat het centrale commando wegvalt. Dit “misleiden” wordt sterk afgeraden omdat het blijvende schade aan de motoren en/of zonwering tot gevolg kan hebben.


Onderhoudsvoorschriften:
 
1. Om ongemakken voor te zijn en tijdig problemen te onderkennen, wordt sterk aanbevolen om tenminste 1 maal per jaar de zonwering te laten inspecteren op functioneren, beschadigingen, etc. De Pro Mado® zonweringleverancier kan u hiervoor vrijblijvend een  onderhoudscontract aanbieden.

2. Door doekrek is het mogelijk dat onderlatten en voorlijsten niet meer de oorspronkelijk ingestelde eindpositie bereiken. Tijdens het onderhoud kan dit nagesteld worden.

3. De geëxtrudeerde, aluminium delen van de zonwering moeten regelmatig gereinigd worden. Zie hiervoor de Reinigingsvoorschriften.

4. Het wordt ontraden de mechanische onderdelen van de zonwering extra te smeren, aangezien hierdoor vuil makkelijker wordt aangetrokken en zich vastzet.
 

Reinigingsvoorschriften
 
1. Metalen delen
Het reinigen van aluminium dient te geschieden met neutrale, niet agressieve middelen. Daarom geen soda of alkalische middelen gebruiken. Evenmin komen zure reinigingsproducten (met een pH-waarde van 7,5 en meer) in aanmerking. Schuurmiddelen zijn uit den boze. Let u er ook op dat deze zure reinigingsproducten en schuurmiddelen ook niet met de zonwering in contact komen wanneer de gevel gereinigd wordt! Zwaar vervuilde aluminium delen kunnen gereinigd worden door middel van een hogedrukspuit. Let er daarbij op dat de waterstraal uitsluitend op de aluminium delen wordt gericht en niet direct op het mechaniek.

In het algemeen zijn een drietal situaties te onderscheiden, die een verschillende reinigingsfrequentie van het aluminium noodzakelijk maken:
- Normale omstandigheden, beregend
- Bij zee of in een industriële omgeving
- Zonwering die niet beregend wordt

a. Normale omstandigheden
Metalen delen die worden beregend en niet geplaatst zijn in een neutrale landelijke omgeving vereisen tenminste eenmaal per jaar een reinigingsbeurt.

b. Bij zee of in een industriële omgeving
Metalen delen geplaatst in een industriële omgeving of onder directe invloed (<= 10 km) van de zee, vereisen tenminste tweemaal per jaar een reinigingsbeurt.

c. Zonwering die niet beregend wordt
Voor niet beregende metalen delen (bijvoorbeeld aangebracht onder luifels, balkons, overstekken, etc.) speelt de ligging een doorslaggevende rol; in een neutrale, landelijke omgeving bedraagt de reinigingsfrequentie tenminste tweemaal per jaar. In een industriële omgeving of onder directe invloed (<= 10 km) van de zee tenminste 3 maal per jaar.

Algemene richtlijnen t.b.v. reiniging poedercoat- en anodiseersystemen zijn op aanvraag beschikbaar.

2. Doek- en lamellenreiniging
Stof en vuil kunnen het beste regelmatig droog uitgeborsteld worden. Zwaar vervuilde zonweringdoeken of aluminium lamellen kunnen gereinigd worden door middel van een hogedrukspuit. Let er daarbij op dat de waterstraal op voldoende afstand en uitsluitend op het doek of lamellen wordt gericht en niet direct op het mechaniek.
 
Bron: ROMAZO-Projecten